Kanaaldijk-Noord 1, 5613 DH, Eindhoven
+31 (0) 40-2452555

Duidelijkheid in het bestuursrecht: een gedoogbeslissing is geen besluit

Over de vraag of een gedoogbeslissing een besluit is in de zin van de AWB is veel discussie ontstaan. Hiermee is er ingewikkelde jurisprudentie ontstaan over dit onderwerp. De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad State (hierna: de Afdeling) heeft hier in een recente uitspraak echter meer duidelijkheid geschept.

Oude jurisprudentie

In de oude jurisprudentie werd onderscheid gemaakt tussen derden en de overtreder wiens overtreding wordt gedoogd.

Voor derden werd een gedoogbeslissing aangemerkt als een besluit, omwille van de rechtsbescherming. Een derde kon een gedoogbeslissing dus aanvechten bij de bestuursrechter.

Voor de overtreder is een gedoogbeslissing in principe geen besluit en hij kan deze beslissing dan ook niet aanvechten bij de bestuursrechter. De reden hierachter is dat een gedoogbeslissing voor de overtreder niet op een rechtsgevolg is gericht. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kan hierop een uitzondering worden gemaakt. Er moet dan sprake zijn van zeer klemmende, concrete gronden voor het aannemen van een rechtsplicht dat aan het verzoek tot gedogen ten grondslag ligt.

Meer duidelijkheid

Recent moest de Afdeling zich weer buigen over de vraag of een gedoogbeslissing kon worden aangevochten bij de bestuursrechter. De Afdeling kwam bij deze afweging tot de conclusie dat het met name voor de overtreder niet gemakkelijk te bepalen is of hij de gedoogbeslissing kan aanvechten bij de bestuursrechter.

Om meer duidelijkheid te creëren zijn er volgens de Afdeling twee opties. Allereerst zou deze duidelijkheid kunnen worden bereikt door alle gedoogbeslissingen gelijk te stellen met een besluit, zodat een gedoogbeslissing altijd kan worden aangevochten bij de bestuursrechter. Aan de andere kant kan de duidelijkheid bereikt worden door juist geen enkele gedoogbeslissing gelijk te stellen met een besluit. Op deze manier kan een gedoogbeslissing nooit aangevochten worden bij de bestuursrechter.

Geen besluit

De Afdeling kiest er uiteindelijk voor om, in beginsel, geen enkele gedoogbeslissing gelijk te stellen met een besluit. Een gedoogbeslissing kan dus niet langer worden aangevochten bij de bestuursrechter. De Afdeling komt tot deze conclusie, omdat het in haar ogen te ver gaat om alle gedoogbeslissingen gelijk te stellen met een besluit. Dit zou namelijk suggereren dat de rechter het nemen van beslissingen over gedogen als een zelfstandige bevoegdheid beschouwt. Deze bevoegdheid kan enkel door de wetgever worden gecreëerd.

Wat nu te doen tegen gedoogbeslissingen?

Bovenstaande heeft niet tot gevolg dat een overtreder of een derde niets meer kan doen tegen een gedoogbeslissing. Een derden kan namelijk nog altijd een verzoek tot handhaving indienen bij het betreffende bestuursorgaan. De beslissing op dit verzoek is een besluit en kan dus worden aangevochten bij de bestuursrechter. Ook wanneer een bestuursorgaan weigert om een besluit omtrent handhaving te nemen, kan dit worden aangevochten bij de bestuursrechter.

Degene wiens overtreding wordt gedoogd kan, indien gewenst, meer zekerheid verkrijgen door bij het betreffende bestuursorgaan een vergunning aan te vragen. Daarnaast kan de overtreder ook een besluit tot handhaving afwachten of zelfs uitlokken. Het besluit tot handhaving of de weigering van een vergunning kan vervolgens worden aangevochten bij de bestuursrechter.

Conclusie

Door geen enkele gedoogbeslissing gelijk te stellen aan een besluit heeft de Afdeling meer duidelijk gecreëerd over de vraag of een gedoogbeslissing kan worden aangevochten bij de bestuursrechter. De rechtsbescherming komt hiermee volgens de Afdeling niet in gevaar, omdat er, zoals hierboven omschreven, genoeg alternatieven zijn voor zowel de derden als de overtreder.

Heeft u vragen over een gedoogbeslissing? Neem dan gerust contact met ons op.

Related Posts

Houben & van Dijck